Kikkerbeet - Hydrocharis morsus-ranae L.


Bloeiende planten - Harry van Bruggen

Bloemknop van vrouwelijke bloem met het onderstandig vruchtbeginsel - Harry van Bruggen

Vrouwelijke bloem - Harry van Bruggen

Mannelijke bloem - Liesbeth van Bruggen

Vruchten - Harry van Bruggen

Zaden - Harry van Bruggen

Zaailingen - Harry van Bruggen

Uitlopende winterknop - Liesbeth van Bruggen

Nederlandse naam Kikkerbeet.
Wetenschappelijke naam Hydrocharis morsus-ranae L.
Familie Hydrocharitaceae – Waterkaardefamilie.
Synoniemen Geen.
Verspreiding In Europa wijd verspreid, maar niet overal algemeen. Ontbreekt in het uiterste Noorden, zeldzaam in het Middellandse-Zeegebied en zeer zeldzaam in Spanje en Portugal, oostwaarts tot westelijk Siberië. In Noord-Amerika ingeburgerd en plaatselijk een invasieve plant.
In Nederland algemeen in laagveengebieden en het Drents district (Drenthe en aangrenzende gebieden van de omringende provincies), plaatselijk ook in het rivierendistrict, elders zeldzaam, vrijwel ontbrekend in Zeeland, het Waddengebied en Zuid-Limburg.
Habitat Kikkerbeet groeit in sloten en kanalen, oude rivierarmen, plassen en vijvers, in meren bij voorkeur langs de randen. De planten overleven uitdroging van de groeiplaats niet. Daarom komt de soort nauwelijks voor in tijdelijke wateren. De soort geeft de voorkeur aan stilstaand tot zwak stromend, niet door wind bewogen, voedselrijk (vooral fosfaatrijk), ondiep, ’s zomers warm wordend water boven een zachte, zuurstofarme modderlaag. Kikkerbeet zou gevoelig zijn voor waterverontreiniging, hetgeen in ons land echter niet kon worden vastgesteld, hoewel de planten inderdaad niet in open riolen voorkomen. Vaak komt Kikkerbeet voor samen met Krabbenscheer, Riet en Lisdodde.
Beschrijving Rozetvormende drijfplant met tot 50 cm lange wortels. De ongeveer cirkelronde bladeren hebben een doorsnede van 2-5 cm en een 4-5 cm lange bladsteel; aan de basis zijn ze diep ingesneden. In de bladoksels ontstaan 5-20 cm lange uitlopers, aan de top waarvan ’s zomers een jonge plant en in de herfst een winterknop ontstaat. In de bladoksels vormen zich ook de mannelijke of vrouwelijke bloeiwijzen. De mannelijke bloemen staan meestal per drie in een tweebladige, gesteelde spatha, de vrouwelijke alleen in een eenbladige, ongesteelde spatha. De bloemen zijn wit en circa 2 cm in doorsnede. Ze zijn welriekend en circa anderhalve dag geopend. De kroonbladeren zijn geel aan de basis. Mannelijke bloemen hebben 12 meeldraden in 4 kransen, de beide binnenste kransen zijn gedeeltelijk steriel. De vrouwelijke bloemen hebben een onderstandig vruchtbeginsel met 6 stijlen. De vrucht is een kogelvormige, groene bes, circa 1 cm in doorsnede, met vele (ca. 100), lichtbruine, ca. 2 mm lange en 1,25 mm dikke zaden, die in een slijmige massa gebed zijn. Het is niet geheel duidelijk of Kikkerbeet één- of tweehuizig is. Meestal vormt een plant of mannelijke of vrouwelijke bloemen. In mijn vijver is het echter een paar keer voorgekomen, en ik heb daar ook een foto van,dat een mannelijke spatha (gesteeld en tweebladig) twee vrouwelijke en één mannelijke bloem voortbracht. Wordt misschien het geslacht van de bloemen door externe omstandigheden beïnvloed, temperatuur bijvoorbeeld? Hier is voor een liefhebber met veel ruimte nog veel te onderzoeken.
Gebruik Aquarium : Voor het aquarium geen aan te bevelen plant. Bij goede groei bedekt Kikkerbeet al spoedig de gehele oppervlakte en ontneemt de submerse planten het licht.
Vijver : Voor de vijver is Kikkerbeet een heel aardige plant, die echter wel regelmatig moet worden uitgedund om te voorkomen, dat de oppervlakte dichtgroeit. In de herfst vormen de planten winterknoppen, die naar de bodem zinken, waarna de ouderplanten afsterven.
Kweek Aan de kweek worden geen bijzondere eisen gesteld.
Verwante soorten Er zijn nog twee of drie tropische Hydrocharis-soorten bekend, die echter niet gecultiveerd worden.
Soms worden de Zuid- en Midden-Amerikaanse Limnobium laevigatum (Humb. & Bonpl. ex Willd.) Heine en de Noord-Amerikaanse Limnobium spongia (Bosc) Rich. ex Steud. met ons inheemse Kikkerbeet verward. De bladeren van de Limnobium-soorten zijn echter duidelijk dikker met aan de onderzijde sponsachtig weefsel. Ze zijn aan de basis veel minder diep ingesneden dan die van Kikkerbeet en aan de top een beetje toegespitst en dus niet cirkelrond als die van Kikkerbeet. Per spatha worden bovendien veel meer bloemen gevormd dan bij Kikkerbeet. Limnobium is niet winterhard, hoewel het temperaturen vanaf ca. 5 °C kan verdragen.
Beschrijving : Harry van Bruggen

Literatuur
  • Casper, S.J. & Krausch, H.D., 1981. Süsswasserflora von Mitteleuropa (23), VEB Gustav Fischer Verlag, Jena: 188.
  • Meijden, R. van der, 2005. Heukels' Flora van Nederland: 86.